Acht jaar geleden stond ze al eens op de cover van fabulous mama. Net moeder was ze, en nog onzeker over de rol die ze moest gaan vervullen. Het moederschap had haar leven allesomvattend veranderd. Dat wist ze toen al wel. Vroeger had ze het idee gehad dat ze dingen miste, dat ze – dwangmatig haast – van alles moest, maar door Mees had ze dat ineens niet meer. Ze voelde zich vrijer. “Er is een nieuw soort liefde in mijn leven gekomen. Het is haast niet uit te leggen. Ik ben veel emotioneler.”

Nu zitten we tegenover elkaar bij een koffietentje en laat ik haar de nieuwe coverfoto zien, die we een dag eerder van haar en Mees hebben geschoten. Er staan meteen tranen in haar ogen. “Erg hè? Ik ben net mijn moeder. Die stond vroeger ook altijd te huilen als ze naar mij keek.

Ik weet ook niet wat het is, want hij doet op de foto natuurlijk niets. Niets bijzonders in elk geval, maar daar gaat het dus ook niet om. Het is meer: dat ik dat op de wereld heb kunnen zetten. Hoe hecht die band is. Ja, echt bijzonder.”

Ze is veranderd sinds die vorige cover. Dat kan ook bijna niet anders. Vlak na het interview was er de scheiding, die ze totaal niet had zien aankomen. Daarmee verloor ze in één klap de overtuiging die ze had waar het de liefde betrof, de vanzelfsprekendheid ervan werd weggeslagen. Het was een moeilijke tijd. Het verdriet, het gevoel van falen, maar daarnaast ook het geluk om Mees, die toen natuurlijk nog heel klein was. Het maakte het allemaal heel verwarrend.

Mijn vader voelt heel veel dingen aan. Dat merk ik ook aan Mees.

Wie jou belt, hoort op de voicemail hoe je Mees persoonlijk toespreekt: dat je er altijd voor hem bent en heel veel van hem houdt. Hoe hecht is jullie band?
“Heel hecht, maar dat komt misschien ook omdat zijn vader en ik gescheiden zijn. Als Mees bij mij is, zijn we ook echt samen. Dan zet ik alles opzij en ben ik er alleen voor hem. Dat is wel wederzijds.”

Tijdens de fotoshoot gingen jullie ook heel erg in elkaar op. Je riep steeds hoe lief en geweldig je hem vond. Het deed me erg denken aan de band die jij met je ouders hebt. Die noemde je weleens symbiotisch.
“Grappig dat je dat zegt. Dat klopt wel. Misschien is dat ook wel iets wat bij ons hoort. We zijn allemaal heel erg met elkaar verbonden. Aan één blik heb ik genoeg. We kennen elkaar zo goed. Ik lijk ook echt op allebei mijn ouders. En in Mees zie ik heel erg mijn vader terug. Die is hoogsensitief. Hij voelt echt heel veel dingen aan en ik merk dat ook aan Mees.”

Bridget groeit op in Den Haag, in een gezin van vier. Ze omschrijft haar jeugd als makkelijk. Haar ouders hielden er een vrije opvoeding op na, soms wel iets te vrij, denkt ze nu. Niet voor haar, zij was altijd al een serieus meisje, heel gedisciplineerd.

Maar haar broer kwam, misschien daardoor, weleens in de problemen. Er waren wel regels, maar niet zo uitgesproken. Bridget gaat naar de leefwerkschool, waar je als je wilde ook de hele dag kon pottenbakken of nietsdoen. Daarna naar het Haags Montessori Lyceum.

Thuis krijgt ze wel flink wat arbeidsethos mee; het idee dat niets je komt aanwaaien. Haar ouders hebben een paar kledingwinkels, maar pakken ook andere dingen aan. Ze runnen een locatiebureau en organiseren modeshows. Bridget en haar broer gaan eigenlijk altijd mee. Terugkijkend kan ze echt zeggen dat ze altijd samen waren.

Als ik een toets moet doen, dan wordt het zwart voor mijn ogen en begin ik te hyperventileren. Dan ben ik ineens heel onzeker.

Op wat voor manier zie jij jezelf terug in Mees?
“Mees is een heel sociaal en lief jongetje, maar hij kan ook wel heel hard zijn voor zichzelf. Dat heeft hij echt van mij. Dan wil hij het te goed doen en wordt hij boos op zichzelf als het niet lukt. Heel perfectionistisch.”

Als kind had jij daarnaast ook last van faalangst.
“Ja, nog steeds eigenlijk. Dat werkt heel gek. Want als ik live RTL Boulevard sta te presenteren, heb ik nergens last van. Dat is mijn tweede natuur, maar zo gauw ik een toets moet doen, of iets waarbij ik meteen een beoordeling krijg, gaat het mis.

Dan wordt het zwart voor mijn ogen en begin ik te hyperventileren. Laatst ben ik gevraagd voor het nieuwe seizoen van Dance Dance Dance, maar dan twijfel ik enorm. Wat als ik voor elke show een compleet wrak ben? Dan ben ik ineens heel onzeker.”

Waar komt die onzekerheid vandaan, denk je?
“Ik weet het niet precies. Want in beginsel ben ik iemand die vrij snel lak heeft aan dingen. Het maakt mij ook weinig uit wat mensen van mijn programma’s vinden. Eigenlijk interesseert het me überhaupt niet wat mensen van mij vinden. Dat rijmt natuurlijk niet met elkaar. Ik zou er eigenlijk een keer een psycholoog op los moeten laten.”

Heeft het je in de weg gezeten?
“Nee, dat denk ik niet. Het heeft me juist gebracht waar ik nu ben. Je hoort dat ook weleens bij mensen met een pestverleden, die hebben een extra drive om iets van hun leven te maken. Dat heb ik ook. Ik moest echt slagen van mezelf.”

Bridget doet het goed als moeder, vindt ze. Ze is geen leeuwin die alles bij Mees op afstand houdt en laat hem best vrij. Als ze naar de studio moet voor de presentatie van RTL Boulevard, laat ze hem alleen thuis. Hij staat dan via Facetime in contact met haar ouders, die wonen vlakbij. Ze vindt dat ze hem dat vertrouwen moet geven.

“Je doet eigenlijk wat je denkt dat goed is, vanuit een tunnelvisie. Maar het resultaat mag er zijn, dus ik heb niet het gevoel dat ik nou iets verkeerd doe. Hij heeft sinds kort een vriendinnetje en daarin neemt hij me dan helemaal in vertrouwen. Heerlijk vind ik dat.”

Ze heeft het niet moeilijk meer met de scheiding. Eén jaar was Mees nog maar, toen zij en zijn vader uit elkaar gingen. Nog steeds is ze blij dat de scheiding op dat moment plaatsvond. Dat Mees zich geen leven kan herinneren waarin zijn vader en zijn moeder wel bij elkaar waren. Maar het gevoel van falen was er niet minder om.

“Ik heb natuurlijk het beste of het slechtste voorbeeld, het is maar net hoe je het bekijkt. Mijn ouders zijn al 45 jaar bij elkaar, al die tijd 24 uur per dag samen, en nog steeds verliefd. Dan weet je dus dat het kan. Dat frustreert natuurlijk nog meer. Ik kan eerlijk zeggen dat de periode rond mijn scheiding de moeilijkste in mijn leven is geweest. Dit was niet waarvoor ik had getekend. Ik wilde geen kind om er na een jaar al alleen voor te staan.”

Natuurlijk zou ik liever zien dat we een soort harmonieuze relatie hebben, maar soms zijn dingen nou eenmaal niet anders.

Eerst is er vooral het verdriet om het verlies van het gezin. Daarna komt het schuldgevoel. Het gevoel van falen, dat ze Mees niet heeft kunnen geven wat ze zelf wel heeft gehad. Het voorbeeld van ‘tot de dood je scheidt’.

Maar het is tegelijkertijd ook een heel gelukkige periode, hoe tegenstrijdig het misschien ook klinkt. Ze is net moeder en ook al is er verdriet, ze geniet van Mees. Ze kan zich ook niet herinneren dat ze het moederschap ooit als zwaar heeft ervaren. Al vrij snel na de scheiding trekt een vriendin bij haar in, die ook net moeder is geworden en in scheiding ligt. Met haar is het vooral heel gezellig.

Hoe verloopt het contact tussen de vader van Mees en jou?
“Wel oké. We hebben minimaal contact, maar als het moet, bespreken we dingen. Als je kijkt naar waar we vandaan komen, is dat al heel wat. Natuurlijk zou ik liever zien dat we een soort harmonieuze relatie hebben, maar soms zijn dingen nou eenmaal niet anders.

Op maandag en dinsdag is Mees altijd bij papa en op woensdag en donderdag bij mij. Het weekend heb ik hem dan om de week. In het begin vond ik het verschrikkelijk Mees zo lang te moeten missen, maar het went. Ik heb het zo geregeld dat ik, als hij er is, in principe niet weg hoef.

Dat is natuurlijk een luxe. Mees krijgt zo optimale aandacht en dat lukt natuurlijk niet als hij wel fulltime bij mij zou wonen. Maar dan nog: als we in zo’n periode zitten dat ie vijf dagen weg is, denk ik bij dag twee al: jeetje, is het nou nog niet om? Dan komt dat gevoel van gemis toch. Hij heeft bij zijn vader natuurlijk ook een heel ander leven waar ik geen onderdeel van uitmaak. Dan mis je een hoop.”

Ik wil mijn zoon niet belasten met onze sores. Daar kan ik ‘s nachts wakker van liggen.

Vind je het niet lastig dat je dan geen controle hebt? Over de opvoeding bijvoorbeeld?
“Nee, dat heb ik vrij snel losgelaten, omdat ik vertrouwen heb in Mees. Dit is zijn pad en ik weet dat hij het aankan. Wat er bij zijn vader gebeurt, is daar en wat bij mij is, is bij mij. Waar ik het wel moeilijk mee heb, is dat Mees nu hij ouder wordt dingen gaat zien.

Eigenschappen van zijn ouders die hij wat minder leuk vindt, bijvoorbeeld. Of dingen rond de omgang. Mees voelt best veel aan en heeft daar vragen over. Dan wil ik zijn gevoel erkennen, maar tegelijkertijd wil ik hem natuurlijk niet belasten met onze sores. Daar kan ik ’s nachts van wakker liggen.

Dan denk ik: oh God, heb ik niet te veel gezegd? Is hij hier niet veel te jong voor? Omdat ik echt op zoek was naar handvatten, ben ik laatst naar een kinderpsycholoog gegaan. Gewoon alleen, zonder Mees. Ik wilde weten of ik het goed aanpakte. Uiteindelijk bleek dat gelukkig zo te zijn. Dat heeft mij veel rust gegeven.”

Dit interview was onderdeel van de coverstory van fabulous mama | nummer 1 | 2018. Het vervolg lees je hier. Nooit meer iets missen? Bekijk dan onze voordelige abonnementen.