Persoonlijk; Pim kreeg een hersenstaminfarct

Het leven was goed voor Pim en Mieke. Hij maakte promotie in de Bulgaarse fabriek van een chocolade-imperium, zij verwachtte hun tweede kind. Tot de dag waarop Pim een hersenstaminfarct kreeg. Hij ontwaakte als gevangene van zijn eigen lichaam en kon alleen nog met zijn ogen knipperen.

Pim; “Het was die zondag perfect winterweer: koud, windstil, met een strakblauwe hemel.
Er lag een dik pak sneeuw in de binnentuin bij ons nieuwe appartement; later op de dag wilde ik beslist even met onze zoon Chris gaan sleeën.

Eindelijk waren we weer eens een dag thuis met zijn drieën. Ik had het druk gehad de laatste tijd, te druk. Mieke had onze verhuizing naar een grotere woning in Sofia vrijwel alleen moeten regelen. Nu de nieuwe productielijn in de fabriek draaide, zou ik voorlopig
vaker thuis zijn.

Terwijl mijn vrouw onder de douche stapte en Chris voor me in zijn kikkerstoeltje televisiekeek, dacht ik aan de klussen die op me wachtten. Het werd tijd dat we aan de kinderkamers begonnen, want over vier maanden kwam de baby.

Ineens begonnen mijn oren te suizen

Het geluid was zo hard, dat het dat van de televisie overstemde. Mijn lichaam schokte en ik werd draaierig; het lukte me nog net om Mieke te roepen. Half nat kwam ze aangerend. ‘Bel de huisarts’, bracht ik met moeite uit. Daarna zakte ik als een zoutzak opzij, op de bank. Bewegen en praten lukten niet meer. Kalm blijven, dacht ik, toen ik even later in een aftandse Bulgaarse ambulance werd getild. Het kán niets ergs zijn, ik ben 36, kerngezond. Dit komt goed. Daarna werd alles zwart.

Zes weken later ontwaakte ik in Nederland. Ik kon alleen mijn ogen openen, meer niet. Ik kon niet eten, niet drinken, niet praten of gebaren maken – niets. Als een gevangene van mijn eigen lichaam lag ik in bed, mijn armen en benen gespalkt om vergroeiingen te voorkomen. Ik verging van de dorst, maar kon dat pas duidelijk maken toen me geleerd werd woorden te spellen door met mijn ogen te knipperen. Het was de hel op aarde. Toen de artsen me vertelden dat de schade onherstelbaar was, werd ik razend. Dit kón gewoon niet waar zijn. Ik had een zwangere vrouw en een zoontje van 2 voor wie ik moest zorgen.

Ik was nodig in de fabriek, mijn carrière zat net lekker in de lift. Het bestónd niet dat ik de rest van mijn leven in bed zou moeten slijten. Toen ik hoorde van een Duitse revalidatiekliniek waar ze me misschien toch weer konden leren praten en lopen, wilde ik
er direct naartoe. Ik móést en zou herstellen.

In Nederland beviel Mieke alleen van onze dochter, Nina. Het werd nog een keizersnede
ook; ik vond het vreselijk dat ik niets voor haar kon doen. Ze bezocht me zo vaak ze kon, maar Nina wilde lange tijd niets van me weten. Steeds als
Mieke haar bij me legde, begon ze te huilen. Mijn onbeheerste hoestbuien maakten haar bang. Chris had daar geen last van, maar zoals elke peuter verveelde hij zich snel aan mijn bed. Wat had hij nou aan een vader naar wie hij alleen maar kon kijken? Steeds als ik mijn kinderen zag, was ik blij en verdrietig tegelijk.

De therapeuten waren elke dag urenlang met me in de weer, maar het leverde nauwelijks iets op. Ja, de spasmen verdwenen en ik leerde weer slikken en kon daardoor vloeibaar eten. Ik kon mijn hoofd een klein stukje draaien en mijn linkerduim net een centimeter
optillen. Maar praten lukte niet meer, en lopen al helemaal niet. Soms dacht ik aan de dood.

Vooral ’s nachts, als ik alleen naar het plafond lag te staren. Ik besefte wat ik niet meer kon: de kost verdienen voor mijn vrouw en kinderen, ze een onbezorgde
toekomst geven. Mieke helpen met de opvoeding. Voetballen met mijn zoon en paardrijden met mijn dochter. Bier drinken met mijn vrienden. Meepraten – vooral dát miste ik ontzettend. Zou mijn dood een zegen zijn voor mijn gezin? Wat had ik ze te bieden?

Ik dacht aan wat ik zou missen als ik afscheid van mijn kinderen nam: diploma’s, kalverliefdes. Het was een onmogelijke keuze: óf ze verlaten, óf ze van een afstand zien opgroeien. Toch helde de balans steeds door naar dat laatste, en dan beet ik me opnieuw vast in de therapie. Na ruim 4,5 jaar confronteerden mijn vrienden me met de uitzichtloosheid van mijn strijd. Ik was laaiend. Stoppen betekende het einde van de hoop. En hoop was het enige wat ik nog had.

Mijn nieuwe leven

Toen ik met veel moeite had besloten me toch maar te richten op een leven met mijn gezin in Nederland, vertelde Arianne dat ze niet wilde dat ik thuis kwam wonen. Ik weigerde dat te accepteren, bleef er hardnekkig van overtuigd dat het wél kon.
Maar daarmee ging ik voorbij aan de zware last die zij al droeg als kostwinner en moeder van twee kleine kinderen. Zorgen voor mij doe je er niet zomaar even
bij, dat zag ik later pas. Het is goed dat ze die grens heeft getrokken; als Mieke instort, treft dat ons allemaal. We moeten haar koesteren.

Ik woon nu in een verpleeghuis op tien minuten fietsen van mijn gezin. Dankzij technische hulpmiddelen kan ik zelf mailen met mijn kinderen. Mieke skypet me vaak vanaf het voetbalveld en de manege, en tijdens het avondeten. Chris komt regelmatig zelf op bezoek. Dan kijken we sport of spelen we schaak. Hij doet dan alle zetten voor, en ik knipper met mijn ogen bij de zet die ik wil doen. Het zijn rafels van het leven dat we
hadden, en ik deel veel minder met mijn kinderen dan ik zou willen. Maar ik bén er nog. Erbij zijn – het heeft meer waarde dan ik ooit had kunnen denken.”

Ben je benieuwd hoe naar het verhaal van Mieke? Deze vind je ook op de website!

De namen in dit artikel zijn gefingeerd.

Dit artikel komt uit een eerdere editie van Fabulous Mama.

Wil jij geen enkele editie missen? Abonneer je dan nu op Fabulous Mama magazine!

Wil je op de hoogte blijven van de leukste artikelen en toffe winacties? Volg Fabulous Mama magazine op InstagramFacebook en meld je aan voor onze tweewekelijkse nieuwsbrief.